In de herkansing

Anette van Klink volgt opleiding verzorgende bij Amstelring

'Als je één keer zo’n tevreden gezicht ziet, ben je meteen over je angsten heen.’

 

Van de broodjes naar de zorg. Er is wel wát overeenkomst, vindt Anette van der Manden. Ook hier in de zorg moet je de juiste ingrediënten bij elkaar doen. En ook hier ben je moe aan het eind van de dag. ‘Zoek wat anders,’ zegt haar man af en toe. ‘Niets ervan,’ zegt ze dan.

Nu ze er eenmaal mee bezig is, wil ze het afmaken ook. Na de mavo had Anette van der Manden ook al de zorg in willen gaan. Ze was alleen te jong om verpleegkunde te doen, zeventien pas. Dus werd het iets anders, de laboratoriumschool. Toen ze bijna klaar was, was de liefde in haar leven gekomen. Die bepaalde haar koers. Anette nam het begrip wittebroodsweken vrij letterlijk. In mei had ze haar diploma, in juni trouwde ze, in augustus werkte ze in de bakkerij die haar man zou overnemen. ‘Voor mij was het meteen duidelijk dat ik hem zou volgen,’ zegt ze. ‘We hadden het samen besloten.’

Nachtbakkerij de Rond

Bijna dertig jaar stond Anette achter de toonbank. Een mooie tijd, kijkt ze terug op een lange periode. ‘Nachtbakkerij de Rond aan de Overtoom, dat was een begrip. De enige bakkerij in de stad die om half vier ’s morgens of nog eerder openging. Alle taxichauffeurs wisten waar de nachtbrakers op dat uur een broodje konden eten.’

Baby's in de reiswieg

Anette en haar man slaagden erin tussen de bedrijven door ook nog drie kinderen op te voeden. ‘De baby’s zette ik gewoon in de reiswieg achterin de zaak. Van de eerste heeft de box nog voor het raam gestaan. Oude klanten weten het nog wel. Achteraf denk je: hoe kreeg ik het voor elkaar.’

De laatste jaren veranderde de buurt. In elk portaal kwamen rijke yuppen te wonen. ‘Een hoop praatjes, je kent het wel, en ze hadden overal last van. Geuren en geluiden, niets deugde meer. Op het laatst vonden we er niets meer aan en hebben we de tent gesloten. Het deed pijn, maar we waren ook opgelucht. Nu heb ik ook nooit meer stress, dacht ik bij mezelf.’

‘Dat laatste viel toch wat tegen. Eerst vond ik het heerlijk, toen sloeg de twijfel toe. De vraag was: wat kon ik nog leren op mijn vijftigste? Vier jaar school zag ik echt niet zitten. De beroepsbegeleidende leerweg bij Amstelring leek beter te passen. Leren op het werk.’

Lage stem, het gaat om de klank

En nu? ‘Het is mooi en interessant,’ zegt Anette, ‘toch vind ik elke dag weer spannend. Toen ik voor het eerst op de pg-afdeling kwam dacht ik: O hemeltje, zou het altijd zo gaan? Mensen leken zo in zichzelf gekeerd. Nu weet ik alweer beter. Iedereen heeft een ingang. De een wil het zus, de ander zo. Een rustige uitstraling werkt sowieso het beste, heb ik gemerkt.

Zo is er hier een vrouw die geen woord Nederlands spreekt maar met wie ik toch kan praten. Als ik een lage stem opzet en de woorden langzaam uitspreek, wordt ze helemaal rustig. Het gaat niet om de woorden maar om de klank. Prachtig is dat toch? Ook voor het verschonen was ik eerst beducht. Niet nodig, merkte ik al snel. Als je één keer zo’n tevreden gezicht ziet, ben je meteen over je angsten heen.’