Wij gebruiken cookies en scripts om onze website te verbeteren. Meer informatie over het privacy- & cookiebeleid van Amstelring

Print deze pagina

Mensen van Amstelring

Wie zijn de mensen die bij ons wonen? Achter elk gezicht schuilt een leven, achter elke rimpel een verhaal.In deze aflevering: Henny van Millingen (85), woonachtig in Eijkenhove in Hoofddorp.

Ik maakte graag bruidsboeketten. Maar nog liever maakte ik grafstukken

Je ziet wel aan mijn kamer dat ik van knutselen houd. Daar, die clown. Heb ik gemaakt. Die baby in dat ei. De krans met vilten poppetjes. En deze schaal met bloemen hier op tafel, moet je kijken. De meeste mensen gooien een boeket weg als één bloem is uitgebloeid, bij mij krijgt het wel twee of drie levens.

Ik wilde vroeger al graag in de bloemen, maar ik ging naar de kweekschool, zoals mijn vader wilde. Tot mijn trouwen heb ik als juf gewerkt. Die eerste keer in Beverwijk! Zo’n hoog lokaal vol nieuwsgierige kinderen… doodeng. Toch heb ik met plezier gewerkt, ook later in Badhoevedorp. Sommige oud-leerlingen zie ik nog weleens, altijd enthousiast zwaaiend.

In Badhoevedorp heb ik ook mijn man ontmoet. Hij was een perfecte man voor mij: vrolijk en hoffelijk, vol plannen en ideeën. Cor heette hij. Echt alle dingen met hem waren fijn.

We kregen twee fantastische dochters, Jolanda en Karin. Cor stond op het punt directeur te worden van een reclamebureau, we zouden een bungalow laten bouwen, de toekomst zag er goed uit. Maar die dag op de camping in Vierhouten kreeg Cor het ineens benauwd. Ik ben met hem naar het ziekenhuis gereden en daar is hij naast mij in elkaar gezakt. Dood. Hij was 36, ik 40. Ik had geen idee wat ik moest doen. ’s Avonds reed ik met de kinderen naar huis langs het IJsselmeer. ‘Nu stoppen mama,’ zei mijn dochter. ‘Even ademhalen.’ Ik was verstard.

Het is een nare tijd geweest, ik heb lang de dagen aan elkaar gehuild. Toch heb ik geprobeerd de kinderen op te voeden zoals Cor en ik het samen hadden willen doen. Ik nam ze mee, met de caravan achter de auto, naar Oostenrijk, naar Frankrijk. Als we de weg niet meer wisten ging het raampje naar beneden. ‘Voulez-vous me dire…’

Ik zeg het eerlijk: ik was overal bang voor en had vaak hoofdpijn. Maar ik deed het wel! Net als met de bloemen. Uiteindelijk heb ik tot mijn pensioen als bloemiste gewerkt. Ik stond erom bekend, dat ik altijd iets persoonlijks wilde maken. Een keer kwam er een moderne vrouw die een zwart bruidsboeket wilde. Ik zei: ‘Kind, waarom?’ Ze vertelde me haar verhaal – geweld, scheiding, narigheid – en ik begreep het helemaal. Op de veiling heb ik precies de juiste bloemen erbij gezocht. ‘Mevrouw van Millingen,’ zei ze later. ‘U bent de enige die me die dag aan het huilen heeft gekregen.’

Ik maakte graag bruidsboeketten. Maar nog liever maakte ik grafstukken. Ik denk dat dat mijn manier van verwerken was. Nu nog steeds, na al die jaren, denk ik aan mijn man. Ik wil de herinnering aan hem levend houden, ik vecht tegen alles dat vervaagt. Vooral borduren, puzzelen en uitstapjes met vriendinnen peppen me op. En zie je die verrekijker? Verderop hangt een vogelhuisje met koolmeesjes erin. Daar kan ik met plezier naar turen.

Meer informatie over Eijkenhove.